Categorieën
Uncategorized

DOET U DIE ER MAAR BIJ

‘De tas kost zeventienvijfennegentig.’
Ik wrijf in mijn handen. ‘Oh, doet u die er maar bij.’
‘Zóóó Siem’, zegt Liselore vanuit het pashokje, ‘jij verwent jezelf.’
De verkoopster zet de camelkleurige schoudertas op de toonbank. ‘Bééldig hè, ze zijn net binnen, regelrecht uit Italië.’

Een kwartier voordat ik mijn oog op de tas laat vallen, opent mijn vriendin Liselore de deur van de boetiek in hét modedorp van het Gooi. Hier slaag je vast voor een spijkerbroek Siem.’
Om de hoek van de deur ligt een kale, witte terriër met een lichtrode vlek op zijn neus. Zijn mand staat op de marmeren vloer.
Aan weerszijden van de winkel hangt de kleding op kleur en strak in het gelid. Er klinkt  bluesmuziek uit de speakers.

‘Goedemorgen ladies, kijken jullie even rond, of…?’
De witte hond gromt en blaft. ‘Bully, stil maar’, zegt de verkoopster.
Bully draait zich langzaam om en gaat met een mengeling van een zucht en een grom liggen. De verkoopster heeft een bos roodbruine krullen en een hees stemgeluid. Ze draagt een rozerode jurk en knalroze glimmende laarzen met een stilettohak. Ze lijkt op actrice Katja Schuurman, maar dan vijftien jaar ouder.

‘Eh, ik ben op zoek naar een spijkerbroek.’
‘Loop maar mee, de denimhoek is achterin links.’
Haar hakken klikklakken op het marmer.
In het voorbijgaan valt mijn blik op een serie handtassen. ‘Liseloor, kijk die camelkleurige schoudertas.’
Liselore knipoogt. Zo’n tas is een match bij een diepdonkerblauwe jeans.’

Mevrouw Katja tuit haar lippen en inspecteert mijn lijf. Ik gok dat je maat dertig hebt.’
Ik knik bevestigend.
Ze overhandigt me drie spijkerbroeken.
In het pashokje bestudeer ik de labels van de broeken. Zonder leesbril kan ik de prijs niet ontcijferen.
In de broek met wijd uitlopende pijpen loop ik het hokje uit.
Katja klapt in haar handen. ‘Bééldig, deze jeans zit je als gegoten.’
Liselore slaat een sjaal om in donkerbruine en lichtblauwe tinten.
Katja drapeert de sjaal als een heuse styliste om Liselore haar schouder. Bééldig’, klinkt het weer.
Ik haal mijn leesbril tevoorschijn en slik als tot me doordringt hoeveel de spijkerbroek wel niet kost. In het pashokje overleg ik met mezelf. Ik kan iedere euro maar één keer uitgeven.
Liselore schuift het gordijntje opzij en steekt haar hoofd om de hoek. Siem, je moet diep in de buidel tasten, maar je hebt van zo’n broek jaren plezier.’

De donkerblauwe jeans met uitlopende pijpen leg ik op de toonbank.
‘Doet u die er maar bij’, en ik wijs naar de tas aan de rechterkant.
Ik houd mijn creditcard boven het betaalapparaat. Mijn leesbril staat nog op mijn neus. Mijn ogen verwijden zich bij het zien van  het totaalbedrag dat oplicht.
‘Oh nee, dit is niet de bedoeling. Ik dacht dat u zei dat de tas zeventien euro en vijfennegentig cent kost.’ Ik voel het bloed naar mijn hoofd stijgen.
Katja rolt met haar ogen en zucht diep. Tja, als u het niet kunt betálen.’
Nee mevrouw, antwoord ik. ‘Ik wíl dit niet betalen voor een tas. U zei zeventienvijfennegentig, niet zeventienHONDERD vijfennegentig.
‘Wat denkt u nou zelf? Deze tas is met de hand gemaakt.’ Met een zucht zet ze de tas terug en past ze het bedrag aan.

Liselore en ik lopen naar de deur. Voordat ik de deur open, steek ik mijn tong uit naar de grommende terriër.
‘Dáág Bully.’