Categorieën
Uncategorized

JE HOEFT HET NIET ALLEEN TE DOEN

‘Fiets naar het zuidoosten op De Arnhemse Bovenweg en sla rechtsaf om op…’  
De vrouwenstem van Google Maps wijst mij de weg. Mijn mobiel zit geklemd in een rubberen houder aan het stuur van mijn elektrische fiets. Op het fietspad ligt her en der sneeuwdrab.
Mijn telefoon rinkelt. Op het scherm verschijnt de naam van mijn zwager. Ik rem af, want ik kan niet fietsen en bellen tegelijk. Vlug doe ik mijn wollen handschoen uit om op de groene toets te drukken. Het is te veel geëmmer om mijn mobiel uit de houder te wurmen, dus ik buig ver voorover om het telefoongesprek te voeren.

‘Hé Siem, hoe is het? Wat een lawaai, zit je in de auto?’
‘Nee, ik ben op de fiets.’
‘Ik moest aan je denken Siem. In alle dagbladen staan artikelen over long covid. Wat fijn dat de medici speuren naar verklaringen voor long covid en de symptomen waar jij zo’n last van hebt.’
‘Ja, eindelijk voel ik wat van erkenning en gloort er hoop. Op de gekste momenten heb ik een versnelde hartslag. Ik las in de krant dat dat komt doordat mijn autonome zenuwstelsel is ontregeld.’
Mijn zwager humt geduldig terwijl ik mijn verhaal doe.
‘En ze zijn er nu achter dat long-covidpatiënten rustig moeten sporten en dat ze hun conditie niet kunnen opbouwen. Ik snak naar een behandeling, want ik leef al bijna drie jaar als een bejaarde vrouw.’
‘Ach Siempie toch, heb je nog wel hulp of een vorm van therapie? Je hoeft het niet alleen te doen hè?’
Bij deze zin krijg ik een brok in mijn keel en val ik even stil.

Tring, tring. Een man op een racefiets scheert langs.
Ik sta nog steeds krom voorovergebogen met mijn snufferd op het stuur om te praten in het microfoontje. Het voorwiel van mijn fiets staat op de stoep en het achterwiel op de straat. Al pratend zet ik  mijn fiets op de stoep. Ik wiebel en met moeite houd ik mijn fiets overeind.
‘Siem, je hoeft het niet alleen te doen’, herhaalt mijn zwager.
‘Dat is waar’, zeg ik met een hoog stemmetje en ik vecht tegen de tranen. ‘Ik app straks Sytske, mijn contactpersoon van C-support. Zij ondersteunen mensen met long covid. Sytske beurt me altijd weer op. Wacht even, er rijdt een auto mijn kant op. Diegene wil vast de weg vragen.
‘En hier belt net iemand aan’, zegt hij. Ik bel je later terug oké?’

Ik veeg een traan van mijn wang en kijk opzij.
Een rode Fiat 500 draait het fietspad op. Een raam is omlaag en  een vrouw met kort blond haar steekt haar hoofd naar buiten. Ze kijkt me geschrokken aan. ‘Gaat het wel met u?’
Ik lach door mijn tranen heen. ‘Ik sta zo voorovergebogen om te bellen. Wat aardig van u, dank u wel.’
De blonde dame zucht van opluchting en ze draait haar Fiat de andere kant van de weg op.
We zwaaien nog even naar elkaar terwijl de woorden van mijn zwager nagonzen in mijn hoofd.
Je hoeft het niet alleen te doen hè?

Categorieën
Uncategorized

ROOD GOUD

Even citroenen kopen op zaterdagmiddag. Ik loop bij de Turkse winkel op de Traay, onze winkelstraat in Driebergen, naar binnen. Drie citroenen voor één euro. Achter in de hoek staat een rek met veters. Dat had ik hier nog niet eerder gezien. Voor de kassa sta ik in de rij. Voor mij staat een mevrouw die naar achter snelt, omdat ze ook opeens citroenen wil hebben. Ooit hoorde ik iemand zeggen ‘een echte kok kookt nooit zonder citroenen.’

Categorieën
Uncategorized

JEUK

Gewoon in het diepe springen. Dat is wat ik moet doen. Niet aarzelen. Beginnen. Ik doe het nu, ik schrijf. Waarom dat zo lang duurde? Ik leg de lat hoog en had een zetje nodig. Op de vlucht naar Seoul kreeg ik er drie.

Onder de passagiers in de businessclass bevindt zich een oude geliefde. Mijn ex uit Utrecht. Ik kan me met moeite concentreren op mijn werk. Hij laat me foto’s zien van zijn verbouwde zolder. Met zijn nieuwe muziekhoek. In gedachten ben ik meteen vijftien jaar terug in de tijd en zie ik zijn oude muziekkamer voor me. Op alle wanden zat schuimstof met piramidestructuur. In de kamer ernaast lag ik in bed te herstellen van een voetoperatie. De man was zijn muziek aan het finetunen. Het geluid werkte heilzaam op mijn botpijn. Het was de nieuwe tune voor het televisieprogramma Vinger aan de pols.

Een steward vertelt dat hij tweedejaarsstudent Arabische taal- en letterkunde is aan de VU. Deze collega werkt fulltime. Onze gezagvoerder vertelt met een grote grijns dat hij op 40-jarige leeftijd is begonnen met saxofoon spelen. Nu zit hij in een band. Hoe heet de band? DAB. Donderdagavondband.

Mijn ex vertelt dat hij al lang zijn geld niet meer met muziek verdient, maar dat het blijft jeuken om weer te musiceren. Precies, het blijft jeuken. Dat zijn de woorden. Als het blijft jeuken; ga aan de slag. Dat geldt voor hem met de muziek en dat geldt voor mij met het schrijven.

Dat hebben ex en ik toch maar mooi gemeen.