‘Ik wil absoluut geen kaal nekkie.’
Nick en ik kijken elkaar aan via de spiegel. De voorjaarszon valt door de grote ruiten naar binnen. Mijn ogen dwalen af naar de muren en het plafond die in dezelfde beige tint zijn geschilderd. Op de antieke toonbank staat een plukboeket en een kristallen tap met muntwater.
‘Sterker nog, kijk,’ zeg ik, terwijl ik een haarpluk van opzij pak en deze tussen mijn boven- en onderlip klem. ‘Dit wil ik kunnen blijven doen. Niet korter.’
De klant in de stoel naast me werpt mij een korte blik toe. Haar glanzende blonde haren golven over haar schouders. Bovenop haar hoofd worden lokken in folies gewikkeld.
Mijn haarpluk laat ik weer los.
‘En ik wil wél mijn haar in laagjes houden, anders oogt het zo lijzig’, vervolg ik, ‘en ik wil géén pony, dat wordt een gordijn.’ Gauw neem ik een slok van mijn gemberthee en ik besef dat ik onbedoeld in een wil-wil-wil-modus ben beland. Ophouden Siem, spreek ik mezelf toe, het is genoeg zo. Even denk ik aan Ingmar, mijn vorige topkapper. Zij wist precies hoe mijn kapsel viel, wat ze aan moest met mijn steile haar en dat ik het graag in lagen wilde. Maar zij werkt nu in Alkmaar, vijfentachtig kilometer bij mij vandaan.
Dus zit ik nu bij Nick die bekend staat om zijn uitmuntende en gedurfde knipkunst. Tot zijn klantenkring behoren onder andere modellen en influencers.
‘Vind je het spannend Simone?’ Nicks brede glimlach glimt me tegemoet vanuit de spiegel. Ik knik en mijn blik blijft hangen op zijn getatoeëerde armen. ‘Tot mijn dertigste heb ik meer kappers dan vriendjes versleten. Toen ik bij Martinair als stewardess begon kwam er in de basiscursus een kapper langs. De meeste meisjes hadden lang blond haar. Hij leerde hen hoe je een Grace Kelly-rol moest maken. Toen ik aan de beurt was, met mijn bobkapsel, zei hij: ‘buig eens voorover.’ De hele klas riep ‘oh en ah’. Mijn neklijn was verre van recht geknipt.’
Naast me klinkt een korte blaf. Guus, de toypoedel van Nick, duwt tegen mijn been en kijkt me aan alsof ik de liefde van zijn leven ben. Ik tik op mijn schoot en Guus springt erop.
‘En nu denk ik, als Nick maar geen frisse start wil en mij helemaal kort knipt.’
Nick pakt zijn telefoon. ‘Simone, ken jij Debbie Harry nog? Aan die stijl denk ik, beweging in je coupe, alsof je haren dansen.’
Mijn herinnering gaat terug naar mijn eerste singel: Denis.
Debbie sierde de cover: een en al rock-and-roll.
Nick laat mij de foto’s van Debbie zien en ik probeer me voor te stellen hoe dat bij mij uitpakt.
‘Kijk, jouw kapsel wil ik finetunen. We houden de lengte’, vervolgt hij. ‘Hier haal ik wat weg en daar knip ik minimaal.’
‘Goed’, zeg ik, we gaan ervoor.’
Hij wenkt mij en ik loop mee naar de massagestoel.
Ik sluit mijn ogen en geniet van de masserende bewegingen over mijn ruggenwervels. Water stroomt langs mijn hoofdhuid, zijn handen bewegen rustig. Daarna drapeert hij een warme handdoek om mijn hoofd.
Terug in de stoel.
Nick humt wat en focust zich op de haren onder mijn oren. Knip, knip, knip, knip. Guus ligt inmiddels op schoot bij de blondine naast mij.
‘Nu föhn ik het droog en daarna knip ik verder.’
In de spiegel verandert het beeld geleidelijk. Dan kijk ik naar beneden en schrik. Op de vloer liggen plukken van wel vijf centimeter lang.
‘Schud je haar eens los.’ Nick knijpt zijn ogen samen en her en der knipt hij nog piepkleine stukjes eraf.
Ik bestudeer het resultaat met een lach van oor tot oor.
‘Stop ‘m nog eens in je mond.’
Ik kijk hem aan. ’Wát zeg je?’
Hij slaat zijn hand voor zijn gezicht.
‘De haarpluk, bedoel ik.’
We moeten allebei lachen. Ik pak een pluk en klem die weer tussen boven- en onderlip. Het lukt. Gelukkig.
‘Maar hoe dan, Nick?’ Ik wijs naar de grote plukken op de vloer.
‘Die komen allemaal uit het midden, daar zat te veel massa.’ Ik knik en zie wat hij bedoelt. Mijn kapsel beweegt.
‘Nick, graag plan ik meer afspraken bij jou in. Als het kan, tot en met kerst.
—
